NATUURNET
      Natuurnet
uw kennismakelaar 



terug naar inhoudsopgave

Ook provincie Overijssel aan de slag voor biodiversiteit

21 nov 2019

De biodiversiteit loopt fors terug, ook in Overijssel. Verzuring, verdroging, bemesting en versnipperde leefgebieden maken dat planten en dieren het moeilijk hebben en lokaal verdwijnen. De provincie Overijssel wil die verschraling van de natuur tegengaan, met goede informatie en financiële tegemoetkomingen.

Ecoloog Ben van Dinther van de provincie: "We kunnen het niet voor de hele provincie regelen, maar wel bijdragen aan initiatieven. Iedereen kan zijn eigen leefomgeving vergroenen."

Biodiversiteit betekent simpel gezegd een grote variatie aan planten en dieren in de natuur. En daar gaat het mis: de laatste jaren is de biodiversiteit dramatisch teruggelopen, ook in een groene provincie als Overijssel. "Weliswaar hebben we nog een redelijk netwerk van landschapselementen zoals houtwallen, poelen, ruige akkerranden en soortenrijke bermen, maar in de monocultuur van bepaalde landbouwgebieden kunnen dieren geen beschutting en voedsel vinden." Van Dinther heeft nog herinneringen aan de vogels die het Overijsselse landschap vroeger kleurden. Patrijs, veldleeuwerik, nachtegalen. "En wanneer hoor je nog de roep van de koekoek? Doordat het aantal insecten en de terugloopt, krijg je ook steeds minder vogels."

Maar hoe erg is dat? In de historie van de wereld zijn toch wel vaker soorten verdwenen? "Dat klopt, maar nooit in zo’n tempo en op zo’n schaal als het nu gebeurt. Het is geen achteruitgang door natuurlijke processen maar door grootschalig ingrijpen van de mens", legt Van Dinther uit. Ook al heb je geen groen hart, de gevolgen van het uit evenwicht raken van de natuur zijn ook voor de mens direct voelbaar. Als vogels en vleermuizen verdwijnen, krijgen dieren die wij als lastig ervaren - zoals eikenprocessierups, buxusmot en steekmug - vrij spel.

Hulp inroepen
De teloorgang klinkt bijna onomkeerbaar, maar gelukkig kunnen Overijsselaars zelf veel doen voor groen. En daar helpt de provincie bij. Soms met financiële tegemoetkomingen, soms met voorlichting. "Als mensen geïnteresseerd zijn om hun leefomgeving te vergroenen kunnen ze de hulp inroepen van onze ontwerpateliers. Daarin zitten landschapsarchitecten en ecologen. Samen kijken we wat er al in jouw omgeving leeft of zou kunnen leven en maken daar een plan bij. Een poel graven voor kamsalamanders heeft bijvoorbeeld alleen zin als die al in je buurt zitten, ze kunnen maar 500 meter afleggen." De provincie heeft een lijst van 114 ‘aandachtsoorten’ gemaakt: planten en dieren die hier van nature voorkomen en het nu zwaar hebben. Projecten waarin leefgebied voor deze aandachtsoorten wordt hersteld, krijgen subsidie.

Van Dinther erkent dat de geldpot voor groene initiatieven niet oneindig is. "Er is niet genoeg om het voor de hele provincie ineens te regelen. Maar we kunnen wel de goede voorbeelden laten zien, zodat die navolging kunnen krijgen, bijvoorbeeld binnen landbouwsector LTO." Zo leidde een project waarbij boeren delen van hun grasland onder water zetten voor steltlopers al tot meerdere aanvragen voor plasdraspompen.

Bloeiende akkerranden
Nog een goed voorbeeld dat al navolging van buren kreeg, zijn de bloeiende akkerranden van Annuska en Leo de Jongh uit Wijhe. Zij legden bij hun akkerbouwbedrijf bloeiende akkerranden, een voedselakker en een keverbank aan. "Een bloeiende akkerrand is een natuurlijke manier om plaagdieren te bestrijden. In zo’n rand zitten volop natuurlijke vijanden van bijvoorbeeld de bladluis, zoals het lieveheersbeestje en de sluipwesp. En weidevogels en klein wild vinden er beschutting en voedsel." Ook pootten ze op een vochtige oever duizenden bolletjes van de kievitsbloem en zetten ze hun schapen in een afrastering van meidoorn. Om wilde bijen te ondersteunen, plantten ze een hoogstamboomgaard met oude rassen en op een voedselakker scharrelen fazanten, patrijzen en reeën hun kostje bij elkaar.

Ook economisch voordeel
Leo en Annuska en heel veel voorbijgangers genieten van de rijke bloei met onder andere Phacelia (bijenbrood) en zonnebloemen. Maar ze hebben er ook economisch voordeel van: "Klanten waarderen het, en komen ook speciaal bij ons uien en aardappels kopen. We hoeven door deze natuurlijke bestrijding bijna niet te spuiten, hooguit tegen aardappelziekte in een natte zomer, maar liever niet. Elke keer spuiten kost ons veel geld. Als dat niet hoeft, kunnen we de prijzen laag houden en een beetje schade nemen we voor lief. We boeren met de natuur, dat vinden we zelf prachtig maar we krijgen ook bewuste klanten. En het werkt aanstekelijk: buren hebben ook bloeiende akkerranden ingezaaid."
Ruige overhoekjes

In Noordoost-Twente zet natuur- en vogelwerkgroep De Grutto zich in voor natuurherstel en -behoud, met name voor weidevogels, patrijzen en andere boerenlandvogels. In de 36 jaar dat de vereniging bestaat, zag Johan Drop de diversiteit van het landschap achteruit lopen. "Vroeger was het landschap een lappendeken van verschillende gewassen: kleine akkertjes met afwisselend rogge, haver of suikerbieten en daartussen kleine overhoekjes die gewoon ruig waren. Nu heb je uitgestrekte percelen met alleen Engels raaigras, die worden gemaaid tot aan de sloot. Daarin vinden vogels en klein wild geen beschutting of voedsel meer. In hele gebieden komt geen kievit meer voor."

Met de beschuldigende vinger naar de boeren wijzen, is niet reëel, vindt Drop. "De melkfabrieken gaven jarenlang premie op zoveel mogelijk liters melk. Daarin zie je nu wel een kentering: grote bedrijven als Campina en Coberco komen boeren tegemoet die iets voor de natuur willen doen. De verandering moet je samen tot stand brengen. We overleggen bijvoorbeeld met boeren en jagers waar we ruige stukjes kunnen inzaaien, op plekken waar nog wat patrijzen zitten. Als we die eerst maar eens behouden, dan komen er misschien op den duur jongen en kan het evenwicht zich herstellen."

Niet in zak en as
Om de inkomstenderving van boeren een beetje te compenseren, maken ze gebruik van een regeling van de provincie. Zo wordt ook het zaaigoed betaald. "Tot nu toe werken boeren graag mee, ze vinden het als buitenmensen gewoon mooi." De provincie ondersteunde ook bij de aanleg van een oeverzwaluwwand in ’t Zoekerveld bij Saasveld. En bij het maken van nestkasten voor kerkuilen voor heel Twente. Geduld is een schone zaak, net als optimisme. "Iedereen kan in zijn omgeving iets doen, en er zijn genoeg mooie regelingen waar je gebruik van kunt maken. Van in zak en as zitten knapt de natuur niet op, je moet gewoon aanpakken", roept Drop op.

Ook als je niet buiten woont of werkt, kun je vergroenen. "Mensen kunnen veel doen in hun tuin, of op hun bedrijventerrein. Daar helpen we graag bij", zegt ecoloog Van Dinther.

Biodifestival
Op 4 december willen we alles en iedereen die van betekenis is en kan zijn voor biodiversiteit in Overijssel samenbrengen. We bieden je een festival vol interessante sprekers, motiverende workshops en kansen om elkaar te ontmoeten en van elkaar te leren. Dat alles tegen het decor van de prachtige Sallandse Heuvelrug, op de Holterberg. Als dat niet inspireert! Zet het Biodifestival met grote letters in je agenda en meld je aan via http://www.overijssel.nl/biodifestival.

Zoekt u een adviesbureau? Ga naar de zoekpagina  

terug naar inhoudsopgave of terug naar de homepage van het Natuurnet